Pages Navigation Menu

Tom Holland: geschiedkundig onderzoek naar Islam is bijna onmogelijk

Veel van het huidige geweld in de wereld heeft op de een of andere manier te maken met de Islam, denk aan Noord-Afrika, Pakistan en het Midden-Oosten. Om iets van de Islam te begrijpen zou je met name iets over de historische maatschappelijke ontwikkeling van die religie willen begrijpen. Maar dat is moeilijk, zo blijkt uit het nieuwe boek van de Britse historicus Tom Holland: ‘Het Vierde beest’.

De Koran als heilig boek is, zo maakt Holland duidelijk, grotendeels tot stand gekomen in drie eeuwen na de dood van Mohammed. Als aanvulling op de oorspronkelijke tekst uit de 7e eeuw, werden in de Koran uitspraken opgenomen welke door Islamitische schriftgeleerden achteraf aan Mohammed zijn toegeschreven. Die schriftgeleerden volgden hierin  de traditie van de Joodse scholen, welke destijds overal in het Midden-Oosten aan tekstuitleg van het Oude Testament werkten.

Er was echter één essentieel verschil: de Joodse rabbi’s voegden de resultaten van hun studies niet toe aan het Oude Testament, de Islamitische schriftgeleerden deden dit wel. In de tiende eeuw was de Koran ongeveer compleet. Vanaf dat moment werd het gehele boek toegeschreven aan de Goddelijke boodschap welke Mohammed in de 7e eeuw had ontvangen.

Het is bijna onmogelijk om, net als bij de Bijbel gebeurt, de Koran wetenschappelijk op historische  bronnen te onderzoeken. Alleen al de suggestie van een dergelijk onderzoek is Godslastering volgens de Mohammedanen. Hetzelfde geldt voor de biografie van Mohammed. De ‘feiten’ over zijn leven die we nu kennen, komen grotendeels voort uit het soort fantasierijke Heiligenverhalen, zoals we die in de RK kerk in de Middeleeuwen ook kenden. Slechts een beperkt aantal feiten over het leven van Mohammed kunnen daadwerkelijk via andere historische bronnen worden bevestigd.

Ook onderzoek naar het leven van Mohammed wordt, zelfs door wetenschappers uit het Midden Oosten, volstrekt geblokkeerd. Het is überhaupt bijna onmogelijk voor Westerse wetenschappers om Islamitisch geschiedkundig onderzoek te doen in de archieven van Overheden en Musea in het Midden-Oosten.

Zoals Tom Holland beschrijft: de Religieuze autoriteiten zijn er sedert de 7e eeuw in geslaagd om de Koran als boek en Mohammed als profeet van een absoluut Goddelijke status voorzien. Ze hadden destijds daarbij in Palestina en Groot-Syrië goede voorbeelden van Christelijke bisschoppen en Joodse rabbi’s. Maar die slaagden er niet om hun eigen studies achteraf heilig te verklaren. Was dat wel gelukt dan was de Paus in Rome nu een van de absoluut machtigste mannen ter wereld geweest.

Tom Holland’s boek maakt in deze zin duidelijk waarom enigerlei vorm van redelijke discussie met islamitische medeburgers vaak zo moeilijk is. Heilige waarheden staan nooit ter discussie.

facebooktwitterlinkedinmail