Pages Navigation Menu

Beleidsdiarree

Er verschijnen steeds meer publicaties, dat het huidige kabinet in zijn dadendrang bezig is om de fundamenten van zorgvuldig bestuur  en daarmee van de rechtsstaat te ondergraven. Het recente rapport van de Nationale Ombudsman wond er ook geen doekjes om. Uit de Volkskrant: “Het kabinet-Rutte/Asscher wil te veel en te snel veranderen in Nederland. Het werkt slordig en voor bijna iedereen onnavolgbaar’, waarschuwt Alex Brenninkmeijer. ‘Een beleidsdiarree die te snel wordt ingevoerd’, noemt de Nationale Ombudsman het’.

Ook komt steeds het thema van “het gebrek aan vertrouwen van de burger”  terug in de analyses. Dat heeft niet alleen te maken met onzorgvuldig beleid, maar vooral ook met onbegrip voor het beleid. Hoe leg je nou uit dat uit kostenoverwegingen meer dan 20 gevangenissen moeten sluiten?

Dat onbegrip heeft alles te maken met de steeds schrijnender kloof tussen hoog- en lager opgeleiden. De zelf hoogopgeleide beleidsambtenaren en managers van bestuurlijke instellingen gaan uit van de liberale visie van een goed opgeleide zelfredzame burger, welke in staat is zijn eigen financiële verantwoordelijk voor zijn eigen leven te dragen, ongeacht zijn verwachtingen over de rol van de overheid en ongeacht zijn huidige financiële positie.

Maar de burgers bestaan uit heel veel verschillende groepen. Twintig procent van de Nederlandse bevolking is verstandelijk beperkt. Die kun je niet uitleggen waarom je de vertrouwde gang van zaken opeens verandert. Nog eens 30% – 40%  is relatief laag opgeleid, die bedreig je met veel maatregelen rechtstreeks in hun huidige bestaan. De resterende beter opgeleide 40%  is sterk verdeeld qua  politieke opvatting, zeker ook voor wat betreft het oudere deel van de samenleving. Zeker de groep die na de oorlog de sociaal democratie in Nederland heeft opgebouwd.

De jongere liberale politici maken gebruik van de omstandigheden om de verzorgingsstaat zo snel mogelijk tot op het bot uit te kleden, zonder zelfs (zoals in Duitsland of Denemarken) maar een absoluut vangnet te creëren. Ze hebben geen boodschap aan jarenlang opgebouwde instellingen en systemen, waar de burgers terecht op rekenden. Ze schuiven de basiszorg voor de burgers af op Gemeenten (die zetten ze wel aan het werk in de plantsoenen) in een klassieke verdeel- en heerspolitiek: zij de taken uitvoeren, wij bepalen wel hoeveel geld daarvoor beschikbaar is.

De huidige politici zijn verworden tot boekhouders van het liberalisme. Ze zullen nog eens versteld staan van welke effecten hun optreden als politieke managers te weeg brengen in de samenleving. Hongarije is daar al een goed voorbeeld van.

Het wordt steeds duidelijker waarom Kamerleden van bijna alle partijen een hekel hebben aan Nationale ombudsman Brenninkmeijer. Hij legt steeds weer de vinger op de zere plek, waar bijna alle partijen ( Kunduz akkoord) mede verantwoordelijkheid voor dragen. Maar zelfs als hoog college van Staat is de ombudsman een roepende in de woestijn die onze rechtsstaat dreigt te worden.

facebooktwitterlinkedinmail