Pages Navigation Menu

Werkloos zonder perspectief (3)

De werkloosheid in Nederland is veel groter dan het officiële cijfer van 800.000. Tellen we al die ZZP érs met een inkomen op bijstandsniveau mee, de jongeren in de Wajong (die niet voldoen aan het tegenwoordig zeer ingeperkte patroon van een ‘normale’ werknemer), de vele werkzoekenden welke niet bij het UWV staan ingeschreven, de jongeren die dan maar blijven studeren en de burgers met een beperkte handicap, dan zal het aantal zeker richting de 1,2 miljoen gaan, wellicht nog hoger zelfs.

Neoliberale politici als Kamp en de zijnen preken iedere dag hun ideologie: wie wil werken kan best werk vinden. Werkloos zijn is je eigen schuld. Ook werkloze hoogleraren moeten zo nodig de tuinbouwkassen maar in. In de bijstand terecht komen is niet nodig, dus raak je terecht je huis kwijt. Mensen moeten permanent onderwijs volgen anders komen ze niet meer aan de bak.

Het cynische is dat die liberale dominees zelf nooit in een dergelijke positie terecht zullen komen (trouwens ook niet in Groningse aardbevingshuizen), hun inkomens en posities zijn wel veilig. Ook hun education permanente  krijgen ze zelf alleen maar in de praktijk, zijn zelfs te druk voor een cursus Strategische toekomstvisies.

Basisartsen, leraren, klinisch psychologen, bouwvakkers, geschiedkundigen, verzorgenden, bouwkundigen, theaterwetenschappers, journalisten, juristen, bibliothecarissen, autoverkopers, architecten, winkelpersoneel,  economen, psychiaters; de werkloosheid onder jongeren is in bijna alle beroepsgroepen aanwezig. Zij zíjn het resultaat van het streven naar de Kennis economie.

In de kringen rond jong volwassenen in de Randstad zie je allerlei verschijnselen die te maken hebben met het gebrek aan werkgelegenheid. Een soort nieuwe subcultuur. Het is ‘not done’ om een bijstandsuitkering aan te vragen, tenzij in uitzonderlijke gevallen. De zeer individualistische ego’s zijn daarvoor te trots. De meesten melden zich ook niet aan bij het UWV. Die instelling wordt alleen maar gezien als ritueel digitaal circus, waar je eens per 3 maanden een ‘werkcoach’ ziet en zinloze sollicitatietrainingen moet volgen. Verder verplicht wekelijks digitaal op welke baan dan ook solliciteren per e-mail plus CV. Alleen maar gedoe.

Ze beseffen zich dat alleen de allerbesten onder hen – en dan nog met een heleboel geluk of met ‘kruiwagens’ – er in slagen aan het werk te komen. Maar de groepen onder de top, de gemiddelden- en ondergemiddelden maken geen schijn van kans. Goede CV’s met veel stages, buitenlandervaring etc. hebben in de praktijk nauwelijks enige betekenis.  Na een tijdje wordt het hen duidelijk dat die steeds herhaalde afwijzingen bij sollicitatie: ‘niet genoeg ervaring, er waren betere kandidaten etc’.  helemaal niet persoonlijk gericht zijn. Gewoon standaardbrieven nadat weer enige honderden hebben gesolliciteerd op die ene baan.

Ze redden zichzelf in zgn. broodbaantjes van 600-700 euro netto per maand. Hun torenhoge woonlasten  1.000 euro voor 45m2  (meestal in onderhuur) dragen ze met een woongenoot. Consumeren doen ze nauwelijks. Spullen krijgen, lenen en delen is het nieuwe patroon. Niet meer hoeven te bezitten wordt al status. In die zin smoort het neoliberalisme haar eigen consumenten. Welke, zelfs werkende en goedbetaalde jongere in de Randstad heeft tegenwoordig nog een auto? Niet cool meer.

De meesten hebben behoorlijke studieschulden. Maar ze beschouwen het niet als een probleem. Als ze niet verdienen, hoeven ze ook niet terug te betalen. Ondertussen bediscussieert de politiek de rechtvaardigheid van studieleningen versus studietoelagen. Die studenten gaan immers later hoge salarissen verdienen. Maar het probleem in welke banen dat verdient moet gaan worden, is geen onderwerp van politiek beraad.

Er zijn weinig maatschappelijke sectoren waar enige groei van werkgelegenheid is te verwachten, dus blijft die groei ook in de komende jaren nihil. Dat zal directe gevolgen hebben voor de toekomstige belastinginkomsten. Ook volgend jaar zullen  de neoliberale politici opnieuw kraaien over de tering en de nering, terwijl ze het enorme potentieel aan mogelijk productieve burgers verder laten aanzwellen.

Mijn oude economische leermeester Paul Samuelson (Nobelprijswinnaar) zou zich omdraaien in zijn graf als hij kennis zou kunnen nemen van het Nederlandse regeringsbeleid. De ontwikkeling van een economie in een land wordt per definitie bepaald door de binnenlandse Consumptie (wordt door de overheid afgeknepen bij jongeren en ouderen), de Overheidsuitgaven (gigantische bezuinigingen), de Investeringen (noch ondernemers, noch overheid investeren), de Belastingheffing (steeds hoger), de Import (hoog, want Nederland heeft een open economie) en de Export.

De Nederlandse politici hebben hun hele hoop gesteld op de Export. Maar zoals de Europese Commissie kortgeleden in haar rapport stelde: de groeiverwachtingen voor de Nederlandse economie zijn bijna nihil. Naar mijn mening is dat structureel: met een overheid die alleen maar van bezuinigen weet. Die geen enkele visie heeft hoe Nederland in de toekomst zijn brood moet verdienen.

Het is triest. We laten de bijna gereformeerde economische ideologie over begrotingstekorten en de mogelijke toekomstige staatsschuld voor niet aanwezige toekomstige generaties de vooruitzichten van de huidige jonge  generatie bepalen. En dat terwijl 1000 miljard aan pensioengeld van ouderen grotendeels in het buitenland wordt geïnvesteerd.  Hoe kunnen we met het huidige beleid verwachten dat deze jonge generatie een bloeiende toekomst van Nederland gaat vormgeven? Of dat er nieuwe generaties ontstaan? De huidige jonge generatie piekert op dit moment zeker niet over  kinderen. Die kunnen ze zich simpelweg niet veroorloven.

 

-

facebooktwitterlinkedinmail