Pages Navigation Menu

Corpocratie

 

 

 

 

De Amsterdamse hoogleraar Ewald Engelen beschrijft in de NRC het huidige politiek-economische systeem in Nederland als ‘Corpocratie’. Ondernemingen en Bestuurlijke organisaties bepalen naar zijn mening zo langzamerhand de sociale structuur van onze samenleving.

De Nederlandse staat volgt inmiddels in kleine stapjes slaafs de eisen van de ondernemingen door:

  • Het nationaal en internationaal ondersteunen van de ondernemingen via de middelen van de Rechtsstaat;
  • Het uitbreiden en op peil houden van de geografische- en sociale infrastructuur;
  • Het afstemmen van het onderwijs op de eisen van de bedrijven;
  • Het afstemmen van het universitair onderzoek op de eisen van de bedrijven;
  • Het volledig flexibel maken van de arbeidsmarkt zonder ontslagbescherming;
  • Het zo groot mogelijk maken van de pool van arbeidsreserves, inclusief gehandicapten en andere zwakkere burgers om de loonkosten laag te houden;
  • De kosten van hun opleiding en eerste werkervaring (onbetaalde stages) zoveel mogelijk door burgers zelf te laten dragen;
  • Het op vele fronten subsidiëren van bedrijven en organisaties;
  • Het door hoge kosten bijna onmogelijk maken voor de burgers om nog juridisch verweer te plegen tegen het bedrijfsleven als werknemer of als consument.

De politici kiezen deze weg om maar te voorkomen dat bedrijven en werkgelegenheid zich naar het buitenland verplaatsen (een vorm van kapitalistische chantage dus). In ruil daarvoor hoeven ondernemingen daarnaast ook nauwelijks belasting te betalen (of kunnen die simpelweg ontwijken via belastingconstructies) : de burgers moeten de belastingen voor al deze voorzieningen opbrengen. Die zelfde burgers moeten ook betalen voor grote kapitalistische debacles, zoals de bankencrisis.

In het huidige neoliberale kapitalisme, waarbij burger en overheid dienstbaar zijn aan ondernemingen en bestuurlijke organisaties, is naar de mening van Ewald Engelen dus niet langer sprake van een democratie, maar van een corpocratie.

Ondanks het feit dat bedrijven op allerlei wijzen worden gefaciliteerd is het paradoxale aan de huidige situatie dat bedrijven veel geld in kas hebben, maar niet investeren. Door de druk van vooral een kleine groep activistische aandeelhouders die hoge rendementen eisen, geven de topmanagers liever geld terug aan de aandeelhouders, dan met minder rendement te investeren.

Engelen vraagt zich af wie buiten een handjevol topmanagers en bestuurders (en de Chinezen)  nu eigenlijk geprofiteerd hebben van het neoliberale model van liberalisering, deregulering, privatisering en mondialisering. De Middenklasse in Nederland en andere Westerse landen in ieder geval niet. Die hebben hun inkomen per arbeidsuur de afgelopen twintig jaar  gecorrigeerd voor inflatie alleen maar zien dalen. De hoogopgeleide kinderen hebben een veel slechter maatschappelijk perspectief dan hun ouders.

Zoals managers van ondernemingen vaak spreken over hun ‘verdienmodellen ‘, zo concludeert Engelen dat het huidige neoliberale kapitalisme als geheel gebaseerd is op een parasitair verdienmodel. Het wordt dus tijd voor  neo-marxistische maatschappelijk verzet. Die was rudimentair al te vinden in de ‘Occupy beweging’. Het postmoderne super-individualisme lijkt een grootschalige beweging echter in de weg te staan. Met name jonge burgers weten niet meer hoe ze samen een vuist kunnen maken.

 

-

facebooktwitterlinkedinmail