Pages Navigation Menu

Bestaat de authentieke mens?

In het heersende Westerse opvoedingsideaal moeten we onze kinderen zodanig tot bloei brengen, dat ze zichzelf in hun verdere leven autonoom en zelflerend kunnen ontwikkelen tot de unieke originele authentieke persoon, die in hun kern reeds aanwezig is. Als mest en water voor een tulpenbol.

Ieder mens is vanuit zijn pakket aan biologische genen inderdaad volstrekt uniek. Maar met zijn genen is hij desondanks slechts een normaal exemplaar van de menselijke soort. Want voor 99,9% van de mensen op deze wereld geldt dat ze weinig bijzondere genetische eigenschappen kennen in vergelijking met andere mensen, en biologisch dus volstrekt uitwisselbaar zijn. Genetisch afwijkende individuen zijn meestal geen briljante individuen, maar vaker mensen met nare afwijkingen.

Genetisch wellicht uniek, voor diezelfde 99,9% van de mensen geldt dat hun leven nauwelijks kan worden gekenschetst als origineel in leefstijl of prestaties. Origineel in de zin van handelen, presteren, creëren op een oorspronkelijke of vernieuwende manier ten opzichte van bestaande patronen. Zo verschilt het feitelijke leven van een televisieproducent in 2009 nauwelijks van het leven van een theatermaker in de 16e eeuw. Hij heeft alleen wat meer bezit en comfort, meer gereedschappen en een betere gezondheid.

Het veel geloofde streven naar zelfontwikkeling tot de eigen authentieke persoonlijkheid zonder nadere eisen met betrekking tot kunnen of presteren, dus alleen maar authentiek worden, is een onzinnige opgave. Wie een beetje thuis is in de psychebiologische literatuur weet dat het ‘ik’ en het hogere menselijke zelfbewustzijn slechts bijproducten zijn van de evolutionaire ontwikkeling. Of zoals een psychiater eens zei: “ons brein is ook slechts een orgaan”. En dat werkt zoals het evolutionair bedoel is voor de meeste mensen op dezelfde manier.

Ook de autonomie van de westerse mens is een fabel.. Een mens is nooit autonoom omdat de menselijke soort voor zijn overleving volstrekt afhankelijk is van samen leven en samen werken met anderen. De Franse filosoof Descartes creëerde het individu (mensen in de Middeleeuwen zagen zichzelf niet eens als individuen) toen hij op grond van zijn twijfel tenminste kon vaststellen: ik denk dus ik besta. Maar zelfs die uitspraak bleek onwaar. Mensen kunnen niet leren denken zonder anderen: ze moeten eerst taal leren! Dus zijn uitspraak had moeten luiden: wij spreken, dus wij bestaan.

Als we als mensen zo rond ons twintigste in de wereld staan, zijn we onder invloed van genen, omgevingscultuur, opvoeding, onderwijs en vooral door ‘de hel van de ander’ tijdens de puberteit, zeker nog geen evenwichtige persoonlijkheden. We hebben een deel van ons karakter gevormd: onze gewoonten, wat we geloven, wat we denken te weten en vooral hoe we in een combinatie van ervaring, kennis en gevoelsbeelden naar de wereld, naar onze medemens en naar onszelf kijken, welke percepties ons wereldbeeld bepalen. En die zijn zeker niet eenduidig.

Bijna niemand heeft als jong volwassene een consistente persoonlijkheid, integendeel: de meesten van ons hebben tegenover veel mensen en gebeurtenissen op dat moment nog uitermate dubbelzinnige verstands- en gevoelsbeelden. Een voortdurende wisseling tussen hoe we reageren op wat er zou moeten zijn en er niet is en de reactie op de feitelijke situatie die er wel is. Tussen verlangen en werkelijkheid.  Onze begeerten en passies spelen dan naast ons verstand nog een zeer grote rol. Weinig authentiek dus, eerder in meerdere of mindere mate een normaal mens met meerdere gezichten.

Het opheffen van die dubbelzinnigheid, het bereiken van een gevoel van authenticiteit en consistentie is een opgave die voor veel mensen niet haalbaar is. Het vereist cognitieve vermogens zowel ten aanzien van de eigen persoon als ten aanzien van de ander, het vereist het doormaken van pijnlijke veranderingen, en het vereist het loslaten van vele zaken die als essentieel worden gezien. Voor de meeste mensen is dat eenvoudigweg  teveel gevraagd.

Als we dus onszelf persoonlijk willen ontwikkelen, moeten we beginnen bij het feit dat de meesten van ons in menselijk kunnen en - gedrag eerder onze groep volgen, dan dat we uniek zijn.  Dat we weinig origineel zijn in verhouding tot de schaarse echte genieën.  Dat we door onze eigen unieke mix van verstand en gevoel net zo dubbelzinnig zijn als de meeste andere mensen. Wat dat betreft zou iedereen die echte ambities kent, in de zin van groei in persoonlijke capaciteiten, zichzelf eerst van zijn eigen individuele unieke originele voetstuk moeten stoten.  Om vervolgens met enige zelfonderschatting en nederigheid te starten bij het feit dat - wat dan ook kunnen presteren of worden - zeer veel inspanning en oefening vereist, net als het worden van een goede timmerman.  

Het bereiken van status van de authentieke, creatieve, stabiele rust uitstralende, in tevredenheid levende mens met een uniek pakket aan vaardigheden, is net zo’n intensief proces van leren en ervaring, als het worden van een concertpianist. Je wordt er langzamerhand met vallen en opstaan beter in, maar je bereikt je echte top pas op veel latere leeftijd. Aan zo’n proces moet je niet met al dat zelfvertrouwen beginnen, waarmee kinderen tegenwoordig al vroeg worden opgepompt.

Om jezelf als persoon te ontwikkelen zul je dus los moeten laten dat je uniek, origineel en autonoom bent. Pas dan kun je de weg inslaan van het ontwikkelen van de allerlei vaardigheden . Vele kinderen worden, ondersteund door  psychotherapeutische ondersteunings babbels over hun uniciteit, geleid naar totale zelfoverschatting. Op straat en op de televisie is te zien, welke nog al eens  uitermate tenenkrommende publieke manifestaties van stupide banaliteit of hufterigheid  een dergelijke opvoeding tot gevolg heeft. Een opvoeding tot pure narcistische persoonlijkheden.

 

-

facebooktwitterlinkedinmail