Pages Navigation Menu

Hoe beschaafd zijn we?

In navolging van de filosoof Emile Durkheim (afbeelding), ben ik van mening dat we in de Westerse samenlevingen de best mogelijke organisatiegraad van menselijk samenleven hebben bereikt. En ik ga zelfs nog een stap verder: dat we het hoogste beschavingsniveau hebben bereikt dat menselijke samenlevingen zullen kunnen bereiken.

Biologisch gezien kan een mens niet zonder zijn medemensen. Daarom leven en werken mensen altijd samen in groepen. De kern van een beschaafde samenleving is dat ieder mens naar eigen aard de vrijheid heeft om zijn eigen leven onbedreigd vorm te geven naar zijn eigen overtuigingen, percepties en behoeften, terwijl tegelijkertijd de samen levende groep die vrijheid beschermd. Hiertoe stelt de groep echter ook duidelijke regels welke ervoor dienen te zorgen dat de vrijheid van de een niet de onvrijheid van de ander vormt, alsmede dat ieder lid van de groep zijn bijdrage levert aan welvaart en welzijn van de groep

In de Westerse samenlevingen regelt de overheid verder een ten minste minimaal billijke verdeling van wat de groep gezamenlijk produceert ter consumptie. Tevens poogt  zij de welvaart en het welzijn van de groep verder te stimuleren door gezamenlijke voorzieningen en verzekeringen ten behoeve van de zwakkeren.

Ook is in Westerse samenlevingen de medezeggenschap van alle leden van de groep in de besluitvorming van de groep gegarandeerd. De organisatie van de groepautoriteit is gebaseerd op balanceren van de verschillende machten en machtsspreiding, waarbij voor een ieder te allen tijde beroep mogelijk is op meerdere opeenvolgende rechterlijke niveaus.

De vrijheid van het individu wordt derhalve niet alleen beperkt door de vrijheid van de ander, maar ook door de plichten die de samenleving de burger oplegt in het kader van het belang van de groep. De vrijheid, bescherming en medezeggenschap van de burger en het delen in de economische resultaten van de groep, leggen op de burger niet alleen plichten, maar ook de persoonlijke verantwoordelijkheid om zich te conformeren aan de geschreven en ongeschreven regels van de groep omtrent hoe samen leven, hoe samen werken en hoe samen te beslissen.

Vrijheid, bescherming van vrijheid, medezeggenschap en plichtmatige verantwoordelijkheden voor het individu enerzijds en machtsuitoefening door de groep via de regels van de rechtsstaat anderzijds vormen het hoogste niveau van menselijke organisatiegraad en van beschaving welke in samenlevingen bereikt kan worden. ¬†Iedere samenleving welke deze organisatiegraad in feitelijk functioneren nog niet bereikt heeft mag als minder beschaafd of (eufemistischer) als minder ontwikkeld worden beschouwd. Daarbij laat ik echter nog wel de vraag in het midden of we andere samenlevingen onze eisen van beschaving mogen opdringen en daartoe macht dienen uit te oefenen. Zoals de Engelse filosoof John Stuart Mill zei: …I am not aware of our obligation to civilize other societies ….

De Westerse samenlevingen hebben naast hun organisatievorm tevens door economische en technische ontwikkeling een welvaartsniveau bereikt waarbij in principe aan alle kernbehoeften van mensen kan worden voldaan. Natuurlijk ontstaan in een hoog beschaafde samenleving steeds weer nieuwe doelen of de roep om verbetering op allerlei terreinen. Maar dat doet niet af aan het vereiste fundamentele respect voor wat sedert de Griekse oudheid in het Westen is bereikt: de top van beschaving, in wat mogelijk en wenselijk is, in organisatie en welvaart van de samenleving van de menselijke biologische soort. Een beschaving die het fundamenteel waard is om zonder meer ondersteund en met man en macht verdedigd te worden.

 

-

facebooktwitterlinkedinmail