Pages Navigation Menu

SER: Kies in de toekomst voor een individueel pensioensysteem!

SER

 

De Sociaal Economische Raad (overheid, werkgevers en werknemers) onder voorzitterschap van PvdA voorvrouw Mariëtte Hamer werkt aan een conceptadvies over de toekomst van het Nederlandse pensioenstelsel.

De Nederlandse Bank suggereerde recent dat aanvullende pensioenen van 60.000 euro en hoger qua deelname geheel vrijwillig moeten zijn, dus geen staatspaternalisme meer. Maar waarom überhaupt nog paternalistische bemoeienis van de staat, los van de AOW?

Gegeven alle problemen met het huidige stelsel, hierbij enige suggesties ten aanzien van de fundamentele principes van een nieuw individueel pensioensysteem:

1. Laat de AOW als minimum inkomensvoorziening voor ouderen bestaan.

2. Burgers mogen voortaan zelf bepalen of en hoe ze voor een aanvullend  pensioen sparen, bij een pensioeninstelling, die collectief belegt, of op een aparte eigen bankrekening.

3. De kosten van het beheren van pensioenrekeningen mogen niet hoger zijn dan 1%.

4. Tot een aanvullend pensioeninkomen van 85.000 euro mogen pensioenpremies belastingvrij worden gespaard. Samen met de AOW dus de mogelijkheid  belastingvrij te sparen voor een pensioeninkomen van maximaal 100.000 euro.

5. Belastingaftrek van pensioenpremies vindt plaats tegen een vast percentage voor iedereen, ongeacht zijn inkomen. Mijn voorstel: 40%.

6. Het staat burgers vrij om in vooraf bepaalde situaties geld van hun pensioenrekening op te nemen tegen betaling van hetzelfde vaste belastingtarief, bijvoorbeeld bij de koop van een eigen huis.

7. Iedere burger mag zijn eigen pensioendatum bepalen (echter niet de AOW datum). Pas bij pensionering wordt de uitkering bepaald.

8. De werkgevers betalen de door hen te betalen pensioenbijdrage rechtstreeks bruto aan de werknemer uit als onderdeel van het brutosalaris. Bij de uitbetaling van het salaris wordt een door de werknemer bepaalde pensioenpremie rechtstreeks bij de pensioeninstelling of bank gestort.

9. Pensioeninstellingen worden alleen bestuurd door vertegenwoordigers van de deelnemende spaarders.

10. Pensioeninstellingen keren jaarlijks al hun behaalde rendement uit op de rekening van de deelnemers.

11. De enige rol voor de overheid is het vaststellen van de pensioengerechtigde leeftijd voor de AOW uitkering, zij mag zich verder niet meer met de (uitkering) van de eigen spaargelden aan de deelnemers bemoeien.

 

Voor welke problemen zijn bovenstaande principes een oplossing?

 

> Wie niet voor een pensioen wil of kan sparen, neemt als gepensioneerde genoegen met een minimum inkomen.

> Burgers hoeven niet langer verplicht mee te doen aan een bedrijfstak regeling. Veel  flexwerkers bouwen nauwelijks een pensioen op, alleen links en rechts wat versnipperde saldo’s die geen rendement meer hebben. Het is voor pensioenspaarders veel voordeliger om alle premies individueel te vergaren in een “eigen” spaarpotje.

> Momenteel verdienen te velen een dikke boterham aan het beleggen van pensioengelden, behalve de pensioendeelnemers zelf. Derhalve dienen de vaak hoge administratiekosten wettelijk te worden ingeperkt.

> Zeer hoge pensioenen kunnen maar voor een deel belastingvrij worden opgebouwd en voor iedereen geldt  het zelfde belastingaftrekpercentage.

> Momenteel is het onmogelijk om pensioengelden weer terug te krijgen, soms alleen tegen het hoogste belastingtarief + 20% boete.

> Wie eerder met pensioen wil kan dat vrijelijk doen, het wordt betaald met eigen geld en de uitkering wordt berekend vanuit het aanwezige spaargeld naar een gewenste uitkeringsperiode.

> In de toekomst is geen betrokkenheid van werkgevers meer gewenst bij de pensioenfondsen van de burgers. Dan voorkom je dat, zoals in de jaren 1995 tot 2005, honderden miljoenen door de werkgevers weer terug worden gehaald aan eerder betaalde pensioenpremies.

> Pensioenfondsen dienen zich te gedragen als verenigingen of coöperaties: ze worden bestuurd door ledenraden. Ook de vakbonden horen hierin geen rol meer te spelen.

> Geen gedoe meer met echte rendementen (2014: vaak meer dan 20%) tegenover door de overheid verplicht gestelde rekenrentes (2014: 4,2 %). Er worden immers geen pensioenbedragen meer gegarandeerd.

> In de toekomst geen overheidsbemoeienis meer met de pensioenen. De huidige generatie ouderen weet maar al te goed hoe onbetrouwbaar de overheid is opgetreden.  Hoe vaak die heeft ingegrepen in hun – gedurende hun hele werkende leven- opgebouwde collectieve pensioenspaarpotten, in totaal honderden miljarden. Mijn advies aan jongeren: weiger hier nog langer aan mee te doen.

ZZP’ers passen ook prima in een systeem volgens bovenstaande principes. Het is geheel volgens de eigen verantwoordelijkheidsprincipes van de neoliberale politici die af willen van het staatspaternalisme.

Alleen de huidige pensioenmachthebbers en de belanghebbende financiële wereld zullen zich met hand en tand verzetten tegen de individualisering van de pensioenen.

 

-

 

 

facebooktwitterlinkedinmail